Verhaaltjes Voor Groep 2

Verhaaltjes Voor Groep 2



Welkom bij de Top 80 Verhaaltjes Voor Groep 2! Deze geweldige collectie van korte en leuke verhalen is speciaal samengesteld voor kinderen om te lezen en luisteren, zowel online als offline. Onze zorgvuldig geselecteerde verhaaltjes bestaan uit bekende en onbekende voorleesverhalen, kinderverhaaltjes met een boodschap, grappige verhaaltjes en verhalen met een moraal. Al deze verhalen zijn beschikbaar in PDF, ebook, audio en print download formaat, dus er is voor ieder wat wils!

Verhaaltjes Voor Groep 2 zijn niet alleen leuk en vermakelijk voor kinderen, maar ze spelen ook een belangrijke rol bij hun ontwikkeling. Voorleesverhalen prikkelen de fantasie en helpen kinderen om hun luistervaardigheden en vocabulaire uit te breiden. Daarnaast is het een gezellig moment voor het slapen gaan, waarbij kinderen zich kunnen ontspannen en voorbereiden op bedtijd. Onze top 80 verhaaltjes zijn zorgvuldig geselecteerd uit een breed scala van thema’s, zodat er voor elk kind wat leuks te vinden is.

Ongeacht of je op zoek bent naar sprookjes, kleuterverhalen, peuterverhalen, of verhalen met prentjes en plaatjes, deze Top 80 Verhaaltjes Voor Groep 2 biedt voor ieder kind een passend verhaal. Al onze verhaaltjes zijn geschikt om voor te lezen, te lezen en te luisteren voor zowel kinderen als hun ouders of verzorgers. Dus ga lekker zitten en geniet van deze fantastische verzameling verhaaltjes, en ontdek samen met je kind de magie van het voorlezen!

Top 80 Verhaaltjes Voor Groep 2 voor kinderen:

  1. Gelukkige Hans: Een man genaamd Hans krijgt een grote klomp goud als beloning van zijn meester, maar ruilt deze uiteindelijk voor steeds minder waardevolle zaken, waaronder een paard, een koe, een varken, een gans en zelfs een slijpsteen. Uiteindelijk verliest hij de steen in een put en voelt hij zich gelukkiger dan ooit zonder de last van zijn bezittingen.
  2. Hans en Grietje: Er woont een arm gezin aan de rand van het bos met twee kinderen, Hans en Grietje. Wanneer ze bijna geen eten meer hebben, besluit de vrouw van de houthakker om de kinderen diep in het bos achter te laten zodat ze niet meer hoeven te zorgen voor hun eten. Hans laat tijdens de wandeling in het bos stiekem witte kiezelsteentjes achter om de weg naar huis terug te vinden. Wanneer de vrouw opnieuw de kinderen achterlaat, zonder steentjes deze keer, vinden ze een huisje gemaakt van snoep waar een kwaadaardige heks woont. De heks sluit Hans op en wil hem opeten. Grietje weet echter de heks te doden en ze nemen de edelstenen en parels die in het huisje te vinden zijn mee. Ze vinden de weg naar huis en hoeven zich nooit meer zorgen te maken over eten.
  3. Roodkapje: Er was eens een meisje genaamd Roodkapje, die haar zieke grootmoeder wijn en koekjes bracht. Onderweg ontmoette ze een wolf, die haar voorloog. Hij ging naar het huisje van de grootmoeder, at haar op en zette haar nachtpon op. Toen Roodkapje aankwam en de wolf tegenkwam, dacht ze dat het haar grootmoeder was en werd ze opgegeten. Een jager redde haar en haar grootmoeder door de wolf open te snijden. Uiteindelijk beloofde Roodkapje nooit meer van het bospad af te gaan en echt naar haar moeder te luisteren.
  4. De Rattenvanger van Hamelen: Lang geleden werd het Duitse stadje Hamelen overvallen door ratten. Een vreemde man kwam de stad binnenwandelen en bood aan de ratten te verjagen voor geld. Hij lokte de ratten met zijn fluit naar de rivier en verjoeg ze allemaal. Maar toen de inwoners weigerden hem te betalen, dreigde de man dat hij hun kinderen zou meenemen. Op zondag gingen alle volwassenen naar de kerk en de rattenvanger lokte de kinderen met zijn fluit naar een magische berg, waar ze nooit meer uit kwamen. 150 jaar later ontdekten reizigers uit Bremen een streek in Roemenië waar alleen Duits gesproken werd, en de inwoners geloven sindsdien dat deze nakomelingen zijn van de verdwenen kinderen.
  5. Sneeuwwitje: Een koningin wenst een kindje dat wit als sneeuw, rood als bloed en haar zo zwart als ebbenhout is. Haar wens komt uit en ze noemt het kindje Sneeuwwitje. Nadat de koningin sterft, wordt de nieuwe vrouw van de koning jaloers op Sneeuwwitje en stuurt een jager haar het bos in om haar te doden. Sneeuwwitje vlucht en komt bij zeven dwergen terecht. De stiefmoeder vermomt zich als oude boerin en vergiftigt Sneeuwwitje met een appel. Een prins wordt verliefd en vraagt of hij Sneeuwwitje mee naar huis mag nemen. Bij het verplaatsen van de glazen kist waar Sneeuwwitje in ligt, schiet het vergiftigde stukje appel uit haar keel en wordt ze wakker. Sneeuwwitje en de prins trouwen en leven nog lang en gelukkig.
  6. De Ganzenhoedster aan de bron: Een jongeman helpt een oud vrouwtje met het dragen van haar manden en tas vol fruit en gras. Wanneer de jongeman begint te mopperen, gaat het vrouwtje op zijn rug zitten en maakt haar vracht nog zwaarder. Als dank krijgt de jongeman een doosje met een smaragd dat hij aan de koningin geeft. Het doosje bevat een parel, precies zoals de tranen van haar betoverend mooie dochter die drie jaar geleden het bos in werd gestuurd door haar vader. De jongeman gaat op zoek naar de prinses, en ontmoet bij een bron de oude ganzenhoedster die in een prachtige jonge vrouw verandert. Zij helpt bij de hereniging van de prinses met haar ouders en schenkt haar huisje aan de prinses. Het huisje verandert in een paleis en de jongeman en prinses trouwen waarschijnlijk.
  7. Doornroosje: Er was eens een koning en een koningin die heel graag een kindje wilden. Nadat de koningin tijdens een bad een voorspelling van een kikker kreeg, werd hun wens vervuld en kregen ze een prachtig dochtertje. Voor haar geboorte gaven feeën haar bijzondere geschenken, zoals goedheid en rijkdom. Echter, toen de 13de fee kwam, die niet was uitgenodigd, zei ze dat de prinses, als ze 15 jaar oud was, zich zou verwonden aan een spinnewiel en dood neer zou vallen. De boze spreuk kon niet ongedaan worden gemaakt, maar wel minder erg worden gemaakt door een goede fee. Ze zei dat de prinses niet zou sterven, maar 100 jaar zou slapen. Eenmaal 15 jaar oud geworden, prikte de prinses zich aan een spinnewiel en viel in een diepe slaap. Honderd jaar later kwam er een prins die haar wakker kuste en met haar trouwde.
  8. De Twaalf Broers: In dit sprookje gaat het over twaalf broers die moeten vluchten voor hun vader, die hun wil doden als het dertiende kind een meisje blijkt te zijn. Het zusje groeit op zonder te weten dat ze elf broers heeft, maar gaat op zoek naar hen als ze per ongeluk twaalf overhemden vindt. Bij haar broers verstopt ze zich als zij terugkeren naar huis, maar wanneer ze zelf twaalf witte lelies plukt, veranderen haar broers in raven. Om hen te redden moet ze zeven jaar zwijgen en enkel lachen is verboden, totdat ze zeven jaar later trouwt met een koning. Als die zijn vrouw laat beschuldigen en veroordelen als heks, komen haar broers haar redden en kunnen ze weer terugkeren naar huis.
  9. De Bremer Stadsmuzikanten: Een oude ezel is het zat om te werken voor de molenaar en gaat op weg naar Bremen om daar zijn geweldige balkgeluiden te laten horen en geld te verdienen als stadsmuzikant. Onderweg ontmoet hij een hond, een kat en een haan die ook op zoek zijn naar een nieuw avontuur. Samen besluiten ze muziek te gaan maken in Bremen. Onderweg komen ze langs een huis van rovers waar ze een plan verzinnen om de rovers te verjagen en zelf te gaan genieten van het eten en een slaapplek. De Bremer stadsmuzikanten besluiten uiteindelijk niet meer naar Bremen te gaan en blijven wonen in het huisje.
  10. Pinokkio: Een oude schoenmaker genaamd Gepetto maakt een pop van een stuk hout, dat onverwachts tot leven komt en Pinokkio wordt genoemd. Pinokkio wil graag naar school om te leren en geld te verdienen voor zijn vader, maar raakt afgeleid en belandt in allerlei avonturen. Uiteindelijk verandert hij in een ezel en wordt hij zelfs opgegeten door een haai, maar hij wordt gered door zijn vader en een goede fee. Pinokkio gebruikte zijn laatste geld om de fee te helpen en als dank tovert ze hem om tot een echte jongen.
  11. Assepoester: In dit verhaal gaat het over een knap en lief meisje genaamd Assepoester. Haar moeder sterft als ze nog jong is en haar vader trouwt opnieuw. Met haar nieuwe stiefzussen gaat Assepoester niet goed om, ze wordt slecht behandeld en krijgt de bijnaam Assepoester. Wanneer er een bal wordt georganiseerd waar de prins zijn bruid zou kunnen vinden, mag Assepoester niet mee. Maar dankzij de hulp van een magisch vogeltje slaagt ze er toch in om naar het feest te gaan en danst ze met de prins. Hij zoekt haar op en vindt haar uiteindelijk door middel van een glazen muiltje dat ze verliest wanneer ze wegvlucht. Het schoentje past en Assepoester leeft nog lang en gelukkig met de prins.
  12. Klein Duimpje: Dit verhaal gaat over Klein Duimpje, de jongste van zeven zonen uit een arm houthakkersgezin in een tijd waarin er niet veel te eten was. Zijn ouders besloten hem en zijn broers achter te laten in het bos omdat ze anders thuis van de honger zouden sterven. Klein Duimpje gebruikte kiezelsteentjes om terug te kunnen vinden en wist zo zijn broers te redden. Later werden ze gered door een vrouw en haar man, die een reus bleek te zijn. Klein Duimpje redde zijn broers van de reus en nam zijn zevenmijlslaarzen mee om de vrouw van de reus geld af te persen en zijn gezin te kunnen onderhouden. De reus kreeg spijt en besloot nooit meer een kind te eten.
  13. De Gelaarsde Kat: Een molenaarszoon erft alleen een kat van zijn overleden vader. De kat blijkt echter bijzonder slim te zijn en helpt de jongeman om rijk en gelukkig te worden. De kat vangt dieren voor de koning en koppelt uiteindelijk de molenaarszoon aan de prinses, waardoor hij een rijke markies wordt. De kat leeft verder in luxe.
  14. De Bloemen van Kleine Ida: In “De bloemen van kleine Ida” is het verhaal van een meisje dat haar verwelkte bloemen aan haar neef toont. Hij vertelt haar dat de bloemen “s avonds naar een bal gaan en dansen tot de verbeelding van Ida. Later die nacht ziet ze alle bloemen in haar huis dansen, met haar verwelkte boeket in het middelpunt van de actie. De bloemen vertellen haar dat ze de volgende dag doodgaan en dat ze op een speciaal plekje begraven moeten worden om in de volgende zomer opnieuw tot leven te komen.
  15. Klaas Vaak: Een lieve helper genaamd Klaas Vaak komt elke nacht bij brave kinderen om hen de mooiste dromen te bezorgen met behulp van zijn toverparaplu. Elke nacht vertelt hij een ander verhaal aan een jongetje genaamd Hjalmar, waaronder een schitterende tuin, een sprookjesachtig kasteel en een avontuur op een boot met een ooievaar. Op een nacht vertelt Klaas Vaak over zijn broer, de Dood, en hoe hij mensen beoordeelt op basis van hun rapporten en vertelt hij Hjalmar om ​​altijd een goed rapport te hebben. Het verhaal eindigt met het idee dat het fijn is om af en toe goede dromen te hebben.
  16. De Nieuwe Kleren van de Keizer: Er was eens een keizer die zo dol was op nieuwe kleren dat hij al zijn geld daaraan uitgaf. Op een dag kwamen er bedriegers die zeiden dat ze speciale stof konden maken die alleen slimme en eerlijke mensen konden zien. De keizer wilde deze stof graag kopen om te ontdekken wie oneerlijk of dom was. De bedriegers kregen veel geld en de keizer zag niets, maar deed alsof hij de kleren prachtig vond. De keizer en zijn volk gingen in zijn “nieuwe kleren” de straat op, totdat een klein kind riep dat de keizer in zijn blootje was. Toen pas werd duidelijk dat de keizer geen kleren aan had.
  17. De Vliegende Koffer: In dit sprookje erft de zoon van een rijke koopman alle rijkdommen maar geeft alles snel uit. Gelukkig krijgt hij een koffer die kan vliegen en reist naar het land van de Turken. De prinses daar is volgens voorspelling ongelukkig door een minnaar en de jongen komt binnen bij haar via het raam. Hij vertelt haar sprookjes en zorgt ervoor dat ze, ondanks de afkeuring van haar ouders, met hem trouwt. Op de bruiloft vertelt hij een prachtig verhaal dat indruk maakt op de koninklijke familie en krijgt hij de hand van de prinses. Na het huwelijk, terwijl hij vuurwerk afvuurt, verbrandt de koffer en kan hij nooit meer terugkeren naar de prinses.
  18. De Stoute Jongen: Er was eens een lieve oude dichter die thuis bij de kachel zat tijdens een storm, toen een naakt en bibberend jongetje smeekte om te worden binnengelaten. De dichter bood hem niet alleen warmte, maar ook eten en drinken aan. Nadat het jongetje weer beter was, schoot hij met zijn boog een pijl recht in het hart van de brave oude dichter, en de waarheid werd ontdekt: hij was eigenlijk een hele stoute jongen, genaamd Amor, die altijd op mensen schoot met zijn pijlen. Het verhaal waarschuwt dan ook om op te passen voor deze stoute jongen.
  19. De Prinses op de Erwt: Dit sprookje gaat over een prins die op zoek gaat naar een echte prinses om mee te trouwen. Na lang zoeken keert hij terug naar huis zonder prinses. Op een stormachtige avond komt er een meisje aan de stadspoort die beweert een prinses te zijn. De oudere koningin wilt testen of dit waar is en legt een erwt onder twintig matrassen en twintig donzen dekens waar de prinses op moet slapen. De volgende dag bevestigt de prinses dat ze slecht heeft geslapen en overal blauwe plekken heeft van iets hards in bed, wat bewijst dat ze een echte prinses is omdat alleen echte prinsessen een erwt onder twintig matrassen en twintig dekens kunnen voelen. De prins trouwt met haar en de erwt komt in het Koninklijk museum.
  20. De Standvastige Tinnen Soldaat: Een jongen krijgt voor zijn verjaardag een doosje met 25 tinnen soldaatjes. Eén van hen mist een been, maar de jongen vindt hem juist extra stoer. Het soldaatje wordt verliefd op een danseresje van karton en wanneer ze samen op de vensterbank staan, valt hij van het raam naar buiten. Via een bootje en een avontuur met een rat belandt het soldaatje in de maag van een vis. Uiteindelijk wordt de vis gevangen en bereid door de moeder van de jongen, die het tinnen soldaatje terugvindt. Het duiveltje in een doosje is jaloers op het danseresje en duwt het soldaatje de houtkachel in, maar het soldaatje en het danseresje vallen in elkaars armen en er blijft een mooi tinnen hart met een gouden strik over.
  21. Het Lelijke Eendje: Een eend broedt haar kuikens uit, maar het laatst uitgekomen kuiken is anders en lelijk volgens de andere dieren. Het eendje wordt gepest en besluit op een dag om weg te gaan. Het blijft alleen in een moeras wonen en ontmoet geen vrienden behalve de zwanen in de winter. Wanneer de lente begint, realiseert het eendje dat het zelf een zwaan is geworden en wordt het geaccepteerd door andere dieren. Het verhaal benadrukt dat innerlijke schoonheid belangrijker is dan uiterlijke schoonheid in onze samenleving.
  22. Duimelijntje: Een vrouw vraagt een heks om hulp om een kindje te krijgen. De heks geeft haar een speciale gerstekorrel die ze moet planten. Er groeit een bloem uit met een klein meisje erin dat Duimelijntje wordt genoemd omdat ze niet groter is dan een duim. Ze beleeft allerlei avonturen, zoals ontvoerd worden door een pad en bevriend raken met dieren, voordat ze trouwt met een engeltje van een bloem en haar naam verandert in Maja. De zwaluw die haar naar het engeltje brengt, zingt een prachtig liedje over haar bruiloft en vliegt daarna terug naar Denemarken waar iemand het verhaaltje van Duimelijntje vertelt.
  23. Jaap en de Bonenstaak: Het verhaal gaat over Jaap, de zoon van een arme boerin, die magische bonen ontvangt van een oude man in ruil voor hun oude koe. Ondanks de boosheid van zijn moeder plant Jaap de bonen en de volgende dag groeien ze tot in de wolken. Jaap beklimt de bonenstaak en komt terecht in het kasteel van een reus. Met de hulp van een fee weet Jaap de kip met gouden eieren, een sprekende harp en allerlei goudstukken te stelen en komt hij uiteindelijk ook weer in bezit van het kasteel van zijn vader.
  24. Bart de Beer in Winterslaap: Een bruine beer genaamd Bart woont in het Grote Berenbos bij de bergen en gaat voor de laatste keer op pad om eten te verzamelen voordat hij aan zijn winterslaap begint. In zijn winterslaap blijft hij in een warm holletje totdat de winter voorbij is en in het voorjaar en de zomer eet hij de hele dag zodat hij genoeg vet heeft om de hele winter te slapen. Zijn lievelingseten is zalm en hij is dol op besjes. Bart gaat zijn vriendjes gedag zeggen voordat hij gaat slapen en mist ze al voordat hij echt in winterslaap gaat.
  25. De Drie Beren: Het verhaal gaat over drie beren die in het midden van een bos wonen. Ze eten elke ochtend zelfgemaakte pap uit hun eigen kom en hebben elk hun eigen stoel en bed. Op een dag, terwijl ze aan het wandelen zijn, komt een oud vrouwtje naar hun huis en eet de pap van de kleine beer op en gaat in zijn stoel en bed liggen. Wanneer de beren thuiskomen en ontdekken wat er gebeurd is, schrikt het vrouwtje en rent weg. Ze hebben haar daarna nooit meer gezien.
  26. Dick Whittington en zijn kat: Het verhaal gaat over Dick Whittington, een arme weesjongen die naar Londen wilde. Hij werd vriendelijk opgevangen door de rijke koopman Fitzwarren en zijn familie, maar werd gepest door de kokkin. Dick kocht een kat om de muizen en ratten op zolder weg te houden. Op een dag ging hij op handelsreis en moest hij zijn geliefde kat achterlaten. Tijdens de reis naar Barbarije redde de kat de bemanning van de muizen en ratten. Dick keerde terug naar Londen en werd dankzij zijn fortuin Lord en burgemeester van de stad. Hij schonk veel geld aan de stad en leefde nog lang en gelukkig met zijn vrouw en kinderen.
  27. Hoe Het Konijn Zijn Staart Kwijtraakte: In dit sprookje had niet de kat maar het konijn ooit een lange staart. De kat was jaloers en stal de staart van het konijn. Maar het konijn was erg vrijgevig en gaf de staart aan de kat in ruil voor het mes waarmee de kat de staart had gestolen. Het konijn ruilde het mes voor een mand en de mand voor sla. Uiteindelijk maakte het konijn zich niet druk om het verlies van zijn staart en was gelukkig met de sla.
  28. Jack, De Reuzendoder: Dit verhaal gaat over Jack, een jongen die sterk en nergens bang voor was en bekend werd als “Jack, de reuzendoder”. Hij wist erg veel reuzen te doden en kreeg steeds meer bekendheid als de allerbeste reuzendoder op aarde. Jack beleefde veel avonturen en werd beloond voor zijn heldhaftigheid door tot een van de Ridders van de Ronde Tafel te worden bekroond. Hij kreeg een groot landgoed en trouwde met een hertogin, waardoor hij nog lang en gelukkig kon leven.
  29. Prins Nies: Een koning en een koningin geven een groot feest ter ere van hun pasgeboren zoon, Prins Rolandor. Tijdens het feest ontdekt de koningin dat er geen aardbeientaart meer is en er ontstaat chaos als de oude fee Malvolia boos wordt. Als de prins niest, verandert er iets in het paleis. Om het niezen te voorkomen moet de prins worden beschermd tegen verkoudheid en woont hij op de toren van de Gouden Berg. De betovering die het paleis verandert bij een nies wordt verbroken als de prins trouwt. Uiteindelijk trouwt de prins met een betoverde prinses en bij zijn nies worden alle betoveringen verbroken en leefden ze nog lang en gelukkig.
  30. De Drie Geitjes: Drie geitjes willen graag aan de overkant van de rivier eten van het heerlijke, groene gras. Hun boer had hen echter gewaarschuwd om niet over de brug te gaan omdat er een gemene trol onder woont. Het kleinste geitje deed de eerste poging om over de brug te gaan en wist de trol met een slimme leugen te overtuigen om hem te laten gaan. Ook het tweede geitje wist met een vergelijkbare leugen de trol te slim af te zijn. De grootste geit bokste de trol zelfs de rivier in met zijn horens. Vanaf dat moment waren de geitjes vrij om elke dag aan de overkant te eten van het heerlijke gras.
  31. De Kikker, De Vos en Het Ree: In het verhaal ontstaat er een ruzie tussen een kikker en een vrouwtjesvos wanneer de kikker opschept dat hij de snelste kikker is. Uiteindelijk bedenken de vos en de leeuw een plan om het ree te pakken te krijgen, maar het ree en het stinkdier vormen samen een team om de leeuw en de vos in de maling te nemen. Het ree slaagt erin om de leeuw steeds weer voor de gek te houden met zijn grappen en uiteindelijk sterft de leeuw door een list van het ree.
  32. De Kleine Zingende Kikker: Een arme wijnboer en zijn vrouw baden tot God om een kind. God stuurde een kikkermeisje als dochter, maar haar ouders hielden haar verborgen voor anderen omdat ze zich ervoor schaamden. Op een dag hoorde een prins haar zingen en wilde hij met haar trouwen. Ze stemde toe, maar vroeg om een sneeuwwitte haan en een gouden jurk van de zon. Op de dag van de bruiloft presenteerde ze een tarwespriet aan de tsaar, die onder de indruk was en haar accepteerde als bruid van zijn zoon. Zo trouwde het kikkermeisje met de prins en kreeg ze naast hem een plaats op de troon.
  33. Het Gespuis: Een haantje en hennetje maken een uitstapje naar de Notenberg om noten te eten. Bij terugkomst willen ze snel naar huis, maar worden geconfronteerd met een eend die hen beschuldigt van diefstal van zijn noten. Haantje eist dat de eend hun wagentje vooruit trekt, terwijl een naald en speld vragen of ze mee mogen rijden. Ze overnachten in een herberg en als dank voor hun eten en verblijf, steken ze de naald en speld in bezittingen van de eigenaar en vluchten weg. De herbergier krijgt de naald in zijn handdoek en de speld in zijn stoel. Hij gaat op zoek naar de gasten, maar ze zijn verdwenen.
  34. De Grote Worst: Er heerste een grote hongersnood in Koningsbergen en de mensen werden moedeloos. De oudste en wijste mensen van de stad kwamen bijeen om een oplossing te vinden en besloten om een grote worst te laten maken van de laatste munten uit de schatkist van de stad. Het duurde enkele weken om de benodigde ingrediënten te verzamelen, maar uiteindelijk werd een enorme worst gemaakt waar iedere inwoner van kon genieten. Na twee dagen en twee nachten van snijden en verdelen, had de stad weer hoop voor de toekomst en eindigde de hongersnood.
  35. De Olifant en de Kleermaker: Het verhaal gaat over een olifant die door de straten van een stad in Oost-Azië werd geleid om te drinken bij de rivier. De olifant stak vaak zijn snuit in de ramen van de huizen en kreeg soms een stukje brood of vrucht, behalve bij de kleermaker die hem op een dag stak met een naald. De olifant werd boos en wanneer hij later weer langs de kleermaker kwam, spoot hij vuil water over hem en zijn hulpen toen ze zich bespotten. Het verhaal toont aan dat men rechtvaardig moet zijn tegen iedereen, zelfs olifanten. Het verhaal vertelt ook dat olifanten hardwerkende dieren zijn die goed luisteren, goedaardig en sterk zijn, maar niet tegen onrecht kunnen.
  36. Luilekkerland: Er is een land genaamd Luilekkerland waar de straten van kaas zijn, de huizen van ontbijtkoek, de deuren van chocolade en de ramen van suiker. Er groeien worsten, hammen, koeken en banket letters aan de bomen en rivieren zijn van limonade of melk. Het weer is anders dan bij ons, want als het sneeuwt, valt er heerlijke room en als het regent druppelt het de heerlijkste honing. De mensen spelen alleen maar spelletjes en oud en zwak worden ze niet, want er is een verjongingsbron. Dit geweldige land is perfect voor trage luiaards en domoren, maar om binnen te komen moet je eerst een dikke muur van fijnste marsepein eten.
  37. Tijl Uilenspiegel: In dit verhaal gaat het over Tijl Uilenspiegel, een jongen die niet wil leren of werken en alleen maar grappen uithaalt. Zijn moeder probeert hem nog iets goeds bij te brengen, maar Tijl blijft eigenwijs. Zo spant hij een touw over de rivier om daarop te dansen, maar zijn moeder snijdt het touw door en dan valt hij in het water. Tijl geeft niet op en strikt mensen om hun schoenen te geven, zogenaamd voor een kunstje, en snijdt dan het touw door waardoor alle schoenen in het water vallen en chaos ontstaat. Tijl reist met vrienden door verschillende landen en maakt daar ook weer grapjes.
  38. Vrouw Holle: Het verhaal gaat over een weduwe met twee dochters, waarvan één mooi en vlijtig is en de ander lelijk en lui. De moeder houdt meer van de lelijke dochter en geeft haar alle gemakken, terwijl de andere hard moet werken. Op een dag valt de spoel van het harde werkende meisje in een put en springt ze erachteraan. Daar ontmoet ze Vrouw Holle, die haar een beloning geeft als ze hard werkt. Wanneer de luie zus hetzelfde probeert, krijgt ze het tegenovergestelde als beloning. Het harde werk wordt beloond en de luiheid wordt gestraft.
  39. Baron Munchhausen: Het verhaal beschrijft enkele buitengewone avonturen van de wereldberoemde Baron van Munchhausen, zoals het vliegen op wilde eenden, het vinden van zijn bijl op de maan en het ontsnappen uit een tien meter diep gat. Het verhaal is beschikbaar als gratis downloadbare PDF en kan offline worden gelezen op een telefoon of e-reader of afgedrukt worden.
  40. De Kaboutermannetjes: Dit verhaal speelt zich af in Keulen, jaren geleden toen kaboutermannetjes en andere dwergen nog onder de mensen kwamen. Ze hielpen onder andere de bakker, de timmerman, de wijnkopers en de slager door diep in de nacht hun werk te doen terwijl de mensen sliepen. Maar toen de vrouw van de kleermaker nieuwsgierig was naar de kaboutermannetjes en strooide ze erwten op de grond, werden ze betrapt en jaagde ze hen weg. De mensen moesten sindsdien al het werk zelf doen. Een ebook van het verhaal kan worden gedownload.
  41. De Kikkerkoning: Een koningsdochter verliest haar gouden bal in het water en smeekt een kikker om hulp. De kikker helpt haar, maar vraagt in ruil daarvoor om haar speelgenoot te worden. Het meisje stemt toe, maar vergeet haar belofte. De kikker komt toch bij haar thuis en zij moet hem toelaten, zoals beloofd. Als ze hem uiteindelijk in haar bed legt, verandert hij in een knappe prins. Hij wordt teruggebracht naar zijn rijk door zijn trouwe knecht, Hendrik. Onderweg worden de ijzeren banden om Hendriks hart gebroken.
  42. De Ondankbare Zoon: Een gierige zoon verstopt zijn gebraden haan als zijn oude vader aan komt lopen. De vader drinkt snel een glas en vertrekt weer, maar wanneer de zoon de haan weer wil serveren, verandert deze plotseling in een agressieve eend die zich vastklampt aan de zoon’s gezicht. Niemand kan de eend bevrijden en de zoon moet haar dagelijks voeden, anders verscheurt ze hem. Zodra de zoon zijn fout inziet en om vergiffenis vraagt aan zijn vader, verandert de eend weer in een gebraden haan. De zoon realiseert zich dat vergiffenis belangrijker is dan hebzucht.
  43. De Gouden Gans: Er was eens een gezin met drie kinderen. De jongste, Domoor genoemd, werd altijd als dom beschouwd door zijn familie. Wanneer de oudste zoon op pad wordt gestuurd om hout te hakken, ontmoet hij een kabouter die om eten en drinken vraagt, maar hij stuurt hem weg en maakt geen vrienden. Wanneer de volgende zoon hetzelfde doet, voelt hij een enorme pijn in zijn arm en moet hij ook naar huis terugkeren zonder hout. De jongste zoon, Domoor, die ook op pad gestuurd werd, geeft de kabouter zijn droge koek en oud bier en ontvangt een magische gans met gouden veren als cadeau. Onderweg komt hij mensen tegen die de gouden veren van de gans willen stelen, maar ze blijven allemaal aan elkaar vastkleven. Uiteindelijk bereikt Domoor de stad waar de koning woont, en met behulp van een slimme list met de hulp van de kabouter, die veranderde in een oud mannetje, wint hij de hand van de koningsdochter. Het sprookje eindigt met een gelukkig einde van Domoor en zijn vrouw, terwijl de kabouter af en toe langskomt om samen met hen van koek en wijn te genieten.
  44. Het Levenswater: In dit sprookje gaat een ernstig zieke koning op zoek naar levenswater, dat alleen te vinden is in een betoverd kasteel. Zijn drie zonen gaan om beurten op pad, maar alleen de jongste vindt het levenswater dankzij de hulp van een dwerg. Onderweg helpt hij drie koninkrijken in nood en redt hij zijn broers die vastzitten tussen twee bergen. Bij thuiskomst wordt hij echter bedrogen door zijn oudere broers en verstoten door zijn vader, maar uiteindelijk blijkt hij toch de ware erfgenaam en herovert hij zijn vaders troon.
  45. Het Koekemannetje: Dit is het verhaal van een oude man en vrouw die graag een kindje wilden. Op een dag sneed de vrouw deeg in de vorm van een mannetje en zette hem in de oven. Het koekemannetje sprong uit de oven en rende weg, terwijl hij iedereen uitdaagde om hem te vangen. Maar hij werd uiteindelijk opgegeten door een sluwe vos. Het verhaal is beschikbaar als ebook om offline te lezen of te printen.
  46. Het Blaadjesfestijn: Op een zonnige dag in oktober vertelt de wind aan de bomen dat ze voor de winter een groot feest moeten organiseren waarbij alle bladeren zich feestelijk moeten kleden. De bladeren zijn verheugd en kiezen enthousiast hun kleuren. Later, wanneer de wind opnieuw opsteekt om de bladeren mee te nemen, blijven enkele bladeren van een esdoorn achter om de bloemen te bedekken. Een lief klein meisje vindt deze mooie bladeren en neemt ze mee naar school om er in de winter van te kunnen genieten.
  47. Het Aardmannetje: Er was een koning met drie dochters. De koning wenste dat degene die een appel van zijn favoriete boom plukte, honderdduizend meter onder de grond zou verdwijnen. Maar de jongste dochter plukte toch een appel, en alle drie de zussen verdwenen. De koning beloofde dat degene die zijn dochters terugbracht, met één ervan mocht trouwen. Drie broers gingen op zoek, maar alleen de jongste vond de dochters in een put. Hij versloeg de draken die hen bewaakten en bevrijdde de prinsessen. Terug in het kasteel kreeg hij de jongste dochter als bruid en werden de andere broers nooit meer gezien.
  48. De dennenboom: Een jonge dennenboom in het bos wil zo snel mogelijk volwassen worden en groeien. Tijdens zijn groei wordt hij omringd door andere bomen en droomt hij van hoe zijn leven eruit zal zien als hij volwassen is, totdat hij uiteindelijk gekapt wordt om als kerstboom dienst te doen in een groot huis. Na een feestelijke avond wordt hij op zolder gezet en later op de composthoop gegooid. De boom realiseert zich te laat dat hij juist had moeten genieten van zijn jeugd en de mooie momenten die hij heeft meegemaakt.
  49. Toinette en de elfen: Toinette staat op kerstavond bij de put in het bos om water te halen. Ze wil graag een wens doen, maar ze weet niet hoe. Opeens hoort ze een stem dichtbij, het is een elf die haar de hulp biedt en haar een zaadje van een varen geeft waardoor ze onzichtbaar kan worden als ze het in haar schoen doet. Toinette is niet vriendelijk tegen haar broertjes en zusjes en had gehoopt dat ze ondanks dat van haar zouden houden. Ze gebruikt het zaadje om onzichtbaar te worden, maar voelt zich heel rot als ze hoort dat haar broertjes en zusjes haar niet zouden missen als ze er niet was. Ze besluit om aardiger te zijn, en als ze een jaar later weer onzichtbaar kan worden met het zaadje, gebruikt ze het om haar broertjes en zusjes te verrassen. Toinette krijgt dan cadeautjes en haar broertjes en zus
  50. Een bezoek aan het land van de Kerstman: In dit kerstverhaal kunnen Mees en Milou niet slapen en willen ze graag de Kerstman zien. Plotseling klopt er een chocolaatje op hun raam dat hen meeneemt naar het land van de Kerstman. Daar kunnen ze speelgoed plukken, poppen testen en zelfs de hoorns van een rendier bespelen. Het chocolaatje brengt hen naar het witte huis van de Kerstman, maar om daar te komen moeten ze voorzichtig over een plank lopen. Ze vallen echter naar beneden en komen weer bij in hun eigen bed. Ze vertellen hun moeder alles, maar ze glimlacht alleen maar.
  51. Chicken Little: Het verhaal gaat over Chicken Little die onder een rozenstruik schrikt van een vallend blaadje op haar staart en denkt dat de lucht naar beneden valt. Ze vertelt dit aan andere dieren die steeds harder gaan rennen en uiteindelijk in het hol van Vos de Klos terechtkomen en opgegeten worden. Dit alles door de dwaze angst van Chicken Little. Er is een link naar een ebook van vijf pagina’s in pdf-formaat om offline te lezen of te printen.
  52. De wolf en het kindje: Het geitenkindje denkt dat hij groot genoeg is om alleen te blijven en blijft achter in de wei terwijl zijn kudde naar huis gaat, maar als hij opkijkt is hij helemaal alleen en begint te rennen en te roepen om zijn moeder. Hij ziet echter een wolf en smeekt hem eerst een liedje te spelen, zodat hij nog één keer kan dansen voordat hij opgegeten wordt. De wolf gaat akkoord, maar het liedje trekt de aandacht van de honden van de kudde, die terugkomen om het geitenkindje te redden, waardoor de wolf zonder maaltijd achterblijft.
  53. De Elfen en de Schoenmaker: Een arme schoenmaker heeft net genoeg leer over voor één paar schoenen. De volgende ochtend vindt hij tot zijn verbazing twee afgemaakte schoenen op zijn werktafel. Zo gaat het elke nacht door en hij wordt niet meer arm maar rijk. Hij en zijn vrouw besluiten om ‘s nachts op te blijven en dan komen er twee kleine mannetjes die nieuwe schoenen maken van het leer. Als dank maken ze cadeautjes, maar als de mannetjes dat zien, verdwijnen ze en zijn nooit meer gezien. De schoenmaker en zijn vrouw leven nog lang en gelukkig.
  54. De Jongen en de Hazelnoten: Een jongen pakt zoveel hazelnoten tegelijkertijd uit de kan dat zijn hand vast komt te zitten. Hij wil geen hazelnoot loslaten, maar kan ze er ook niet allemaal uit halen. Zijn moeder adviseert hem om genoegen te nemen met de helft van de hazelnoten, zodat hij zijn hand eruit kan halen en een andere keer nog een handje kan nemen.
  55. De Ossen en de Wielen: Een paar ossen trekken een zwaar beladen wagen door de modderige landweg. Terwijl ze al hun kracht gebruiken om de kar te trekken, klagen de wielen bij elke bocht. Dit maakt het werk van de ossen moeilijker te verdragen, en ze vragen de wielen om stilte. De ossen vinden het oneerlijk dat ze al het gewicht moeten trekken terwijl ze stil moeten zijn, terwijl de wielen alleen maar klagen.
  56. De Zoete Pap: Een arm, maar goed meisje ontmoet in het bos een oude vrouw die haar een magische pan geeft, waarmee het meisje zoete pap kan koken door slechts een toverwoord uit te spreken. Het meisje neemt de pan mee naar huis en zij en haar moeder hebben nooit meer honger. Op een dag kan de moeder niet stoppen met koken en de zoete pap stroomt uit de pan en vult het hele huis en de straat. Het meisje komt terug en stopt het koken door het toverwoord uit te spreken, maar wie de stad wil verlaten, moet door de zoete pap heen eten.
  57. De Egoïstische Reus: Een egoïstische reus keert na zeven jaar terug naar zijn prachtige tuin en wil niet dat de kinderen erin spelen. Hij bouwt een grote muur en een bord met ‘overtreders worden gestraft’. De tuin blijft in de wintermaanden terwijl de lente elders in het land bloeit. Vogels zingen niet en bloemen bloeien niet meer. Op een dag hoort de Reus een klein deuntje en realiseert hij zich dat het lente is geworden. Hij ziet dat de kinderen door een gat in de muur zijn gekropen. De Reus geeft het kleine mannetje dat niet bij de takken van de boom kan huilen, een lift en beseft hoe egoïstisch hij is geweest en breekt de muur af. De kinderen spelen weer in de tuin en de bloemen bloeien weer.
  58. De Reizigers en de Portemonnee: Twee reizigers zijn samen onderweg als één van hen een gevulde portemonnee vindt. Hij zegt dat hij geluk heeft, maar de andere reiziger corrigeert hem door te zeggen dat ze beide geluk hebben omdat ze het samen hebben gevonden. De eerste reiziger besluit de portemonnee voor zichzelf te houden en wordt betrapt door een menigte die hem achtervolgt. De andere reiziger adviseert hem om te zeggen dat hij verdwaald is en hem te helpen de situatie te redden.
  59. Het Sneeuwmeisje: Er leefde eens een arme man en zijn vrouw, die geen kinderen hadden. Op een koude winterdag maakten ze samen een sneeuwpop en tot hun verbazing werd deze tot leven gewekt als een klein meisje, genaamd het Sneeuwmeisje. Ze groeide snel op en werd geliefd in het dorp. Maar op een mooie lentedag verdween ze bij het dansen rondom het kampvuur en werd ze een kleine, witte damp die met de wind wegvloog. Het Sneeuwmeisje zweeft nu nog steeds rond als een delicaat sneeuwvlokje.
  60. De Oogst van Koning Winter: Koning Winter roept de Sneeuw-feeën en Vorst-feeën bij elkaar om te bespreken hoe ze de mensen gelukkig maken. De Sneeuw-feeën hebben de bomen bedekt met sneeuw, terwijl de Vorst-feeën ijsplaatjes op de ramen hebben gemaakt en de vijvers hebben bedekt met ijs. Koning Winter wil echter een oogst achterlaten die blijft bestaan, zelfs als hij en zijn nobele helpers zijn verhuisd. De Vorst-feeën oogsten ijsblokken van de rivieren en meren en vullen de ijshuizen, wat mensen helpt om het hele jaar door te koelen of ijs te maken.
  61. De Adelaar en de Wouw: Een Adelaar is verdrietig omdat ze geen partner kan vinden die voor haar kan zorgen. De Wouw biedt zichzelf aan als partner en beweert dat hij oersterk is en voor haar kan zorgen, maar komt bij thuiskomst slechts met een muisje aan. Hij blijkt alles beloofd te hebben om de Adelaar voor zich te winnen.
  62. Een Valentijnscadeau voor de Prinses: Een kleine prins wil een Valentijnscadeau geven aan de prinses van een buurland. Hij gaat op zoek naar een mooi en onbetaalbaar hart, maar beseft dat de cadeaus die hij eerst uitkiest niet passen. Uiteindelijk ontmoet hij een vogelverkoper die hem een witte duif schenkt die zo mooi zingt doordat ze blind is en enkel met haar liefdevol hart zingt. De prins schenkt deze duif aan de prinses en zij is er heel blij mee omdat het cadeau zo bijzonder is.
  63. De Wolf en de Zeven Geitjes: Een moedergeit waarschuwt haar zeven kinderen voor de gevaarlijke wolf in het bos en hoe ze hem kunnen herkennen. Als de moeder weg is, komt de wolf verkleed als moeder geit langs en probeert de kinderen te verleiden de deur open te doen. Hij gaat twee keer terug om zijn vermomming aan te passen, maar de kinderen herkennen hem steeds op basis van zijn stem en zwarte poten. Uiteindelijk slaagt de wolf erin om binnen te komen en eet hij zes van de zeven geitjes op. De moedergeit snijdt de buik van de wolf open en bevrijdt haar kinderen. De wolf drinkt water bij een put en valt in de diepe put als gevolg van de stenen die in zijn maag zitten. De zeven geitjes leven daarna nog lang en gelukkig.
  64. De Witte Kat: Er was eens een koning met drie zonen. Op een dag vroeg hij aan hen om het kleinste en mooiste hondje te vinden, en degene die het vond, zou de troonopvolger worden. De jongste prins ontmoette een witte kat die kon praten en haar hoofd aanbood aan de prins om afgehakt te worden. Nadat hij dit deed, kwam er een prachtige prinses tevoorschijn die hem vertelde over haar betovering en haar verleden. De prins trouwde met de prinses en samen leefden ze gelukkig, terwijl ze de koninkrijken van haar vader bestuurden.
  65. Het verhaal van Ronald Rat: In het verhaal wordt verteld over een jongeman die op zoek gaat naar een witte olifant, zoals voorspeld is door een waarzegger. Hij reist door verschillende gebieden en uiteindelijk komt hij de olifant tegen. Hij werd echter geconfronteerd met de harde realiteit dat de olifant niet het antwoord was op zijn problemen en ongelukkig in liefde en leven blijft hij met de olifant terug naar huis komen. Het verhaal is symbolisch voor de menselijke drang naar het vinden van betekenis en doel.
  66. De Boer en de Beer: In dit sprookje verliest een boer zijn vrouw en al zijn andere relaties, en vraagt ​​aan Bruin de Beer om samen te werken in huis en op het land. Ze besluiten om de rapen samen te zaaien, maar de Boer neemt alle wortels en geeft Bruin alleen de toppen. De volgende keer dat ze samenwerken, vraagt Bruin om de wortels en geeft hij de Boer de toppen, maar de Boer neemt opnieuw alles en Bruin besluit om niet meer met hem samen te werken.
  67. De Gelukkige Familie: In dit verhaal groeien enorme hoefbladeren in een oud kasteel, waar vroeger slakken werden gekookt en opgegeten. De witte slakken die er nu wonen zijn zich niet bewust van deze geschiedenis en leven gelukkig met hun geadopteerde, gewone slakje. Als ze een vrouw voor hem willen vinden, vragen ze eerst aan mieren en dan aan muggen voor hulp. Uiteindelijk komt er een bruiloft en krijgt het jonge Slakkenpaar het hele bos als erfenis. Ze worden niet gekookt en denken dat het kasteel ingestort is en iedereen is uitgestorven. Het verhaal eindigt met het gelukkige Slakkenfamilie die tevreden leeft in het bos.
  68. De Kraai en de Kruik: In dit verhaal vindt een dorstige kraai een kruik met een beetje water erin, maar de kruik heeft een smalle opening waardoor de kraai er niet bij kan. De kraai bedenkt een slim plan en laat steentjes één voor één in de kruik vallen, waardoor het water steeds iets hoger komt te staan. Uiteindelijk kan de kraai genoeg drinken. Bij het verhaal zijn downloads beschikbaar, zoals een e-book van 2 pagina’s.
  69. Het Kaboutertje Bij De Spekslager: Dit sprookje gaat over een student die woont bij de spekslager en een kaboutertje dat in het huis leeft. Het kaboutertje blijft graag in de winkel en heeft veel te leren, maar er ontstaat een conflict tussen de student en de spekslager over het ruilen van kaas voor een oud boek. Het kaboutertje neemt wraak op de student en gaat naar zijn zolderkamer om hem te plagen. De student heeft echter een bijzonder boek dat een prachtige boom en muziek creëert, en het kaboutertje raakt erdoor betoverd. Later redt het kaboutertje het boek tijdens een brand en beseft dat hij tussen de student en de spekslager moet blijven.
  70. De Kleine Oude Vrouw die in een schoen leefde: Er was eens een Kleine Oude Vrouw met zoveel kinderen dat haar huis stuk was gegaan. Daardoor moesten ze in een grote schoen wonen bij het bos. De oudste zoon, Sterke Arm, kwam op het idee om hun vader te bevrijden uit het kasteel van een woeste Reus. Op hetzelfde moment kwam een ​​oude heks naar de Kleine Oude Vrouw om haar te helpen. Samen gingen ze de reus te lijf en na een heftige strijd, kwamen ze als winnaars uit de bus. Sterke Arm en zijn broers hakte de reuzenkop eraf en daarna bouwden ze een nieuw huis en leefden ze nog lang en gelukkig.
  71. De geschiedenis van de vijf kleine Biggen: Er was eens een gezin van vijf Biggetjes waarvan sommige ondeugend waren en andere juist erg braaf. Eén van hen ging naar de markt met zijn kar vol groenten, terwijl een ander thuis moest blijven en al het speelgoed van zijn broer kapot maakte en zijn moeder vast bond. Eén Biggetje was altijd heel goed en voorzichtig, terwijl een ander koppig en eigenzinnig was en een pak slaag kreeg van een boer. Uiteindelijk werd het brave Biggetje beloond met rosbief voor zijn bedachtzaam en vriendelijk gedrag. Alle avonturen van de vijf kleine Biggen zijn te lezen in het ebook van 7 pagina’s dat gedownload kan worden.
  72. Het verhaal van mevrouw Krekel: Een moederkrekel probeert haar tien kleintjes uit bed te krijgen om zich voor te bereiden om ‘s nachts te zingen, maar zij blijven liever in bed liggen. De moeder vertelt hen dan over de geschiedenis van hun familie en hoe ze overdag slapen en ‘s nachts zingen om te voorkomen dat ze door vogels en andere roofdieren worden opgegeten. Door te zingen tijdens de nacht, terwijl andere insecten slapen, zijn ze veilig en kunnen ze hun leven lang leven. De kleine krekels worden nieuwsgierig en beginnen te zingen en te dansen terwijl ze met hun moeder naar buiten gaan. Er is ook een ebook beschikbaar om offline te lezen of te printen.
  73. Het Ik-eet-je-op-dier: Het verhaal gaat over Dikkie Eend, een wijze en slimme eend. Maar op een dag komt hij een vossenval tegen en ontmoet hij meneer Vos. De vos doet zich voor als een dom dier en vraagt ​​Dikkie Eend om wijze raad. Als Dikkie Eend dichterbij komt om te helpen, probeert meneer Vos hem te grijpen om hem op te eten. Gelukkig kan Dikkie Eend ontsnappen. Later vertelt hij aan andere boerderijdieren over het “Ik-eet-je-op-dier” dat hij bij het bos heeft gezien. Hoewel hij eigenlijk zeker weet dat het Meneer Vos was, blijft hij weg bij het bos uit angst opnieuw tegen hem aan te lopen.
  74. De Dagpauwoogvlinders: Een gewone kleine vlinder zat in een struik toen meneer Pauw eraan kwam. Ze bewondert zijn staart en vraagt zich af of hij ijdel is, waarop een bij antwoordt dat hij de ijdelste ter wereld is. De vlinder besluit om naar meneer Pauw te gaan en met hem te praten. Ze vraagt of hij haar twee veren van zijn mooie staart kan geven, zodat zij een prachtige jurk kan maken en de mooiste vlinder ter wereld wordt. Meneer Pauw stemt toe en de vlinder wordt inderdaad de mooiste vlinder van de tuin en krijgt de naam Dagpauwoog-vlinder. Niemand weet dat deze naam is ontstaan door de vleierij van de gewone kleine juffrouw Vlinder.
  75. De wraak van de Kabouters: De Feeën geven een feest voor de Kobolden, maar vergeten de Kabouters uit te nodigen. De Kabouters horen van het feest en worden boos omdat ze niet zijn gevraagd. Op het feest klauteren de Kobolden op de tafel en vervuilen het mooie tafelkleed dat de spin had geweven. Als reactie op hun gedrag, openen de Kabouters de grond onder de Kobolden en vallen ze erin. De lucht wordt ijzig, de bomen worden bruin en de grond lijkt bedekt met een bruin tapijt. Feeën en Kobolden werken samen om ijs te maken en het aan de Kabouters te geven om de gevangen Kobolden te bevrijden. De Kobolden zijn nog steeds hebzuchtig en proberen ontbijt te eisen, dus de Feeën gebruiken toverstokken om hen te straffen.
  76. De Porseleinen Herderin: Er stond eens een porseleinen herderin op de schoorsteenmantel van een boerderij en een fluitspeler was verliefd op haar, maar ze zag hem niet staan. De porseleinen kat gaf de fluitspeler advies om niet naar de herderin te kijken, maar te spelen voor het bloemenmeisje. Dit werkte en de herderin begon interesse in hem te tonen. De kat zorgde ervoor dat de herderin de fluitspeler hoorde spelen en uiteindelijk gaven ze toe aan hun gevoelens en gingen samen op de schoorsteenmantel zitten.
  77. Hoe de Boterbloem geel werd: In dit verhaal lang geleden waren alle bloemen wit en kreeg elk zijn kleur door magie. Het kleine Madeliefje met zijn gele oog was erg trots op zijn kleur, totdat hij merkte dat er te veel wit was op het veld. Ze besluit de witte Kopjes aan te raden om goud te worden, maar hoe? Ze komen op het idee om de feeën te vragen hen te helpen door de kobolden voor de gek te houden. Het plan lukt, en de volgende ochtend zijn de Witte Kopjes gouden bloemen ofwel boterbloemen. Sindsdien zijn deze bloemen bekend als boterbloemen, maar ze weten dat de feeën hen als kleine Gouden Kopjes erkennen.
  78. Was het de Veldfee?: Twee weeskinderen, Jack en Nina, moeten bedelen om eten en een slaapplaats. Op een dag worden ze aangenomen om voor Simon te werken, maar ze worden slecht behandeld en Simon wil zelfs Koe verkopen. Bij een beek ontmoet Jack een Veldfee en vraagt haar om hulp. Ze besluit om niet Koe, maar Simon te veranderen in een vriendelijke man. Als Simon later een brandwond oploopt, verzorgen Jack en Nina hem goed en Simon verandert in een goede man die hen naar school stuurt en allerlei mooie dingen voor hen koopt. Jack is zeker dat de Veldfee zijn werk heeft gedaan.
  79. De Kikkers en de Feeën: Een groep jonge kikkers besluit om de vijver te verlaten en de vallei te verkennen. Hun grootvader raadt dit af, maar ze luisteren niet en ontdekken de feestende feeën in de vallei. Zonder na te denken springen ze in het midden van het feest, maar worden ineens bevroren door de toverkracht van de feeën. De feeënkoningin besluit hen te straffen door een teen van elke voorpoot af te halen. Bij terugkomst in de vijver bedenken de kikkers dat als ze gehoor hadden gegeven aan de waarschuwing van hun grootvader, ze hun tenen nooit hadden verloren.
  80. De ontevreden Dauwdruppel: Een kleine dauwdruppel op een wilde roos naast een rivier droomt ervan om groots te zijn en de wereld te zien. De zachte bries verandert de druppel in een deel van de rivier en vervolgens in de oceaan, maar het verlangen naar grootsheid blijft. Uiteindelijk wordt de druppel opgeslokt door zijn eigen grootsheid en verdwijnt zijn sierlijke schoonheid. Een zachte bries vertelt een andere dauwdruppel dat het beter is om tevreden te zijn met de rol die je vervult in het leven, want verlangen naar iets groters kan leiden tot ongeluk.

Tot slot bieden de Top 80 Verhaaltjes Voor Groep 2 een geweldige verzameling van verhalen die perfect zijn voor jonge kinderen die net beginnen met lezen. Deze verhaaltjes zijn zowel leuk als leerzaam, en bevatten thema’s die kinderen zullen aanspreken, zoals vriendschap, avontuur, en het overwinnen van uitdagingen. Door deze verhaaltjes online te lezen, krijgen kinderen de kans om hun leesvaardigheid, verbeeldingskracht en creativiteit te ontwikkelen, terwijl ze genieten van een breed scala aan verhalen die speciaal zijn ontworpen voor hun leeftijdsgroep en interesse. De Top 80 Verhaaltjes Voor Groep 2 zullen ongetwijfeld nog vele jaren plezier en educatieve waarde bieden aan jonge lezers.