De Ezel in de huid van een Leeuw

Samenvatting


De fabel "De Ezel in de huid van een Leeuw" vertelt over een ezel die een leeuwenhuid vindt en daarmee alle bosdieren op de vlucht jaagt. Trots op zijn eigen list kan hij zijn vreugde niet verbergen en brengt een luid gebalk uit. Een slimme vos doorziet het bedrog meteen en ontmaskert de ezel met een droge opmerking. De fabel laat zien hoe ijdelheid en gebrek aan zelfbeheersing iemand uiteindelijk altijd verraadt.


Luister naar de audio



Lees online

Een Ezel vond eens de huid van een Leeuw die door een jager in het bos was achtergelaten. Hij deed de huid aan en vermaakte zich door zich in het struikgewas te verstoppen en plotseling te voorschijn te komen en naar de dieren te rennen, die zijn kant op kwamen. De dieren renden allemaal gelijk hard weg op het moment dat ze hem zagen.

De Ezel vond het zo leuk om de dieren van hem weg te zien rennen, alsof hij zelf koning Leeuw was, dat hij er niet van weerhouden kon worden om zijn vreugde uit te drukken, met een luid en ruw gebalk. Een Vos, die met de rest mee rende, stopte zodra hij de stem hoorde. Hij keerde zich om en toen hij bij de Ezel kwam, zei hij lachend:

“Als je je mond had gehouden, had je mij misschien ook bang gemaakt. Maar je hebt jezelf verraden met dat dwaze gebalk van je.”


Auteursvermelding

Aesopus was een Griekse fabeldichter die vermoedelijk leefde in de zesde eeuw voor Christus en wiens verhalen al meer dan tweeduizend jaar worden doorgegeven. Zijn fabels, waaronder deze over de ezel en de leeuwenhuid, zijn kort van opzet maar scherp van moraal — de les dat uiterlijk vertoon weinig waard is als de stem je ware aard onthult, klinkt nog altijd herkenbaar.