Het Rendier dat Niet kon Vliegen

Er was eens, in een land ver, ver weg, een klein rendier genaamd Gloei-Neus. Gloei-Neus woonde op de Noordpool met alle andere rendieren, maar er was één probleem: Gloei-Neus was te bang om te vliegen.

Elk jaar, wanneer het tijd was voor de rendieren om de wereld rond te vliegen om cadeaus te bezorgen aan alle brave jongens en meisjes, keek Gloei-Neus toe hoe zijn vrienden de nachtelijke lucht in vlogen. Maar hij was te bang om met ze mee te gaan.

Gloei-Neus probeerde zijn angst voor de andere rendieren te verbergen, maar ze konden het in zijn ogen zien. Ze plaagden hem en gaven hem namen als “bangerik” en “lafaard”. Gloei-Neus voelde zich beschaamd en alleen.

Maar op een dag gebeurde er iets wonderbaarlijks. De Kerstman kwam de rendieren bezoeken en hij merkte de angst van Gloei-Neus op. Hij ging bij Gloei-Neus zitten en vroeg hem waarom hij bang was om te vliegen. Gloei-Neus vertelde de Kerstman dat hij bang was om te vallen en gewond te raken.

De Kerstman glimlachte en zei: “Gloei-Neus, ik begrijp je angst, maar jij hebt een heel bijzonder geschenk. Jouw neus gloeit helderder dan die van elk ander rendier, en dat maakt jou heel belangrijk op Kerstavond. Weet je, zonder jouw helder gloeiende neus zouden wij niet kunnen zien waar we heen moeten gaan tijdens de mistige nachten. Er wacht een hele belangrijke taak op je, Gloei-Neus.”

De ogen van het rendier lichtten op toen hij besefte dat ook hij belangrijk was. Met de aanmoediging van de Kerstman begon Gloei-Neus in zichzelf te geloven. Hij oefende elke dag met vliegen, en al snel vloog hij door de lucht met de andere rendieren.

Op Kerstavond liep Gloei-Neus voorop, met zijn helder gloeiende neus, en leidde hij de Kerstman en de andere rendieren de wereld rond, terwijl ze cadeautjes bezorgden aan alle brave jongens en meisjes. Gloei-Neus kon eindelijk het werk doen waarvoor hij was geboren en hij voelde zich trots en gelukkig!

Vanaf die dag was Gloei-Neus niet meer bang om te vliegen! Hij wist dat hij bijzonder was en een hele belangrijke taak had, en hij was vastbesloten die zo goed mogelijk uit te voeren. Hij vloog met vertrouwen en vreugde, en hij kon zich voortaan bij zijn vrienden aansluiten als ze rondvlogen in de nachtelijke hemel.

image_pdfDownloadimage_printPrint