Kom, Varken! Laten we spelen.
Kun je de wortel vinden?

Nee, hij ligt daar niet onder.
Nee, hij is niet binnen.

Slim Varken!

Word wakker, Varken! Kom naar buiten en speel.
Waar is ze?

Varken is weg.

De zon kwam op. En de zon ging onder.
Maar, geen Varken.

Ik mis mijn vriend.

Mijn Varken!
Slim Varken.

En één,
twee,
drie nieuwe vrienden!

Kom, varkens!
Laten we spelen.

Tijd om naar bed te gaan!

Welterusten, varkens.


